Faiza Oulahsen van Greenpeace: ‘Ik ben gefocust op macht’

Bron: Parool


Faiza Oulahsen (1987) is hoofd Klimaat en Energie bij Greenpeace Nederland. De milieuorganisatie daagt de staat voor de rechter om de miljardensteun aan KLM.

BEELD: HARMEN DE JONG

Mijdrecht

“Je kunt er heerlijk buitenspelen. Ik kom uit een doorsnee Marokkaans gezin: arbeiders, die in Nederland een betere toekomst zochten voor hun kinderen. Mijdrecht is een mooie mix: op school zaten kinderen uit kleine boerendorpen, maar ook kakkers die op hockey zaten. Een ­Hollands dorp, wit en gelovig. Je had er echt alles: jehova’s, de evangelische kerk, rooms-katholieken, gereformeerden. Moskeeën? Ook. Na veel sparen heeft mijn vader er samen met anderen een weten te bouwen.”


“Op mijn 21ste, halverwege mijn studie poli­ticologie aan de VU, ging ik in Noord wonen. Na een heel rondje door de stad zit ik er weer, bij het Buikslotermeerplein. Noord heeft een speciale plek in mij hart. Hoe leuk het ook was in De Pijp of de Jordaan, het heeft iets elitairs. In Noord kom je nog echte mensen tegen.”


Greenpeace

“Toen ik zeven was, had ik allemaal posters van bedreigde diersoorten aan de muren van mijn kamertje gehangen: tijgers, leeuwen, olifanten, neushoorns. Die haalde ik uit WWF Rangers, een blaadje dat we op school kregen. Ik denk dat het daar ergens is begonnen. Ik zie milieumisstanden als sociale onrechtvaardigheid – en als ik ergens niet tegen kan, is het wel sociale onrechtvaardigheid, of het nou gaat om dub­bele standaarden voor vrouwen, de bejegening van Marokkaanse Nederlanders of de armoede die ik thuis heb meegemaakt. Na mijn afstuderen zei iemand: hé, bij Greenpeace hebben ze tijdelijk iemand nodig als campagnemedewerker. Ik dacht: waarom niet? Vervolgens heeft Greenpeace mijn leven overgenomen. Ik ben er niet meer weggegaan.”


KLM

“De dagvaarding is de deur uit. Het wordt heel spannend, maar we denken dat we voor de rechter kans van slagen hebben, net als Urgenda. De Nederlandse staat heeft een zorgplicht voor haar burgers en moet zich houden aan het klimaatakkoord van Parijs. Dan kun je niet tegen KLM zeggen: hier heb je 3,4 miljard euro en ga maar lekker door op de oude voet. Je zou voor dat geld op zijn minst moeten eisen dat er elk jaar een beetje minder CO2 wordt uitgestoten. Vorige week hebben we nog een laatste gesprek gehad op het ministerie van Econo­mische Zaken. Of, gesprek... Je zit twee uur lang te luisteren naar een monoloog. Uiterst vriendelijk en respectvol, maar erg serieus word je niet genomen.”


Corona

“Het valt me zwaar. Ik mag natuurlijk niet klagen omdat ik gezond en wel ben, maar ik heb moeite met het gebrek aan sociale contacten. Ik zit er nogal emotioneel in. Ik word er somber en pessimistisch van. Al die mensen die op straat komen te staan. Tegelijkertijd denk ik: het kan een resetknop zijn. We hebben hem alleen nog niet gevonden. Het is alsof iemand een kaars heeft uitgeblazen, maar de kaars zelf heeft laten staan. De auto’s rijden straks nog steeds op diesel en benzine, de vliegtuigen ­vliegen nog steeds op kerosine en de energiecentrales draaien nog steeds op kolen.”


Piraat

“Ik kan het nog steeds niet geloven. Zeven jaar geleden is het alweer. Het klinkt zo absurd. Ik denk dat de meeste mensen niet eens wisten dat je van piraterij beschuldigd kunt worden. We protesteerden met ons schip tegen olieboringen in het Noordpoolgebied. Een jaar eerder hadden we in dat gebied ook actiegevoerd en was er niets aan de hand, maar nu werden we door de Russen geënterd en gearresteerd. Ik weet zeker dat het te maken had met de spanningen in Oekraïne. Op de dag dat ze ons lieten gaan brak daar de revolutie uit. Als ze ons twee maanden later hadden opgepakt, was het een stuk slechter afgelopen. Sinds die tijd worden demonstranten in Rusland keihard aangepakt.

Veranderingen komen niet tot stand door het schrijven van lobbybrieven, maar voor mij is teruggaan voorlopig geen optie.”


Moermansk

“Een cel van 2 bij 4 meter. Heel smerig, met metalen stapelbedden en in de hoek een toilet dat uit elkaar viel. Een deur met een luikje, dat drie keer per dag openging voor eten. Eén of twee keer per week een douche. Ik mocht per dag in mijn eentje een uur luchten in een overdekte schuur. Twee maanden lang heb ik vrijwel niemand gezien.”


“Ik ga het nooit vergeten. Elk jaar sta ik er bij stil, op 22 november, de dag dat ik vrijkwam. Toch kijk ik niet met bitterheid terug. Ik heb ontdekt wat vrijheid is en wat mij echt gelukkig maakt in het leven: tijd doorbrengen met mijn dierbaren.”


“In Nederland stonden psychiaters voor ons klaar. Ik had daar niet zo’n behoefte aan, maar na een jaar merkte ik dat ik niet meer tegen harde geluiden kon. In de gevangenis speelden ze van zes uur ’s ochtends tot tien uur ’s avonds keiharde muziek en daarna begon het geschreeuw. Ik werd daar knettergek van: je kunt niet denken en niet slapen. Ik heb EMDR-therapie gehad. Na één sessie was ik ervan af.”


Lippenstift

“Altijd. Ik ben een ijdel mens en daar schaam ik me niet voor. Toen ik net bij Greenpeace zat en in een jurk verscheen, kreeg ik vaak de vraag of ik naar een date of een feestje ging. Voor een milieuactivist is dat kennelijk toch een dingetje. Maar waarom zou ik geen hakken mogen dragen? Ik laat me niet beperken door seksis­tische en achterlijke vooroordelen.”


“Toen ik in de cel zat, stuurde mijn huisgenoot wat spulletjes: truien en ondergoed, maar ook een rode lippenstift. Zo gek, ik heb daar enorm veel waarde aan gehecht. Je voelt je vies en alleen. Dan is dat toch een stukje verzorging. Als je er goed uitziet, voel je je meteen beter. Het was ook een manier om aan mijn familie te laten zien dat het goed met me ging.”


Kawtar

“Mijn zusje, mijn zonnestraaltje in het leven, de allerleukste mens op aarde. Dat was ze al vanaf de dag dat ze werd geboren. Ze is bijna twaalf jaar jonger dan ik, een nakomertje. Ze is zo sprankelend, sociaal en grappig. De band met mijn ouders is moeizaam en ingewikkeld, maar die met haar is geweldig. Ik ben in de begin­jaren een soort tweede moeder voor haar ge­weest. Nu is het gewoon mijn zus, al blijft ze op de een of andere manier ook mijn kindje.”


Marokkaan

“Grappig is dat: dat ik een Marokkaanse Ne­derlander ben, komt vrijwel nooit ter sprake. Toen ik vast zat, schreef een half-Surinaamse vriendin: ‘Als wij nu samen de krantenartikelen over jou zouden lezen, zou het je opvallen dat je overal een Nederlander bent.’ Een journalist van NRC heeft dat nog uitgezocht. In bijna honderd stukken stond drie keer vermeld dat ik van Marokkaanse afkomst ben. Op het moment dat je iets doet dat mensen als positief bestempelen, ben je een Nederlander. Maar als ik jou nu iets zou aandoen, ben ik een Marokkaan. Dan komt er een stuk in de krant over een persoon van Noord-Afrikaanse afkomst. Zo simpel is het. Echt, geloof me. Ik ben opgegroeid in de wereld na 9/11, ik ben dagelijks geconfronteerd met artikelen over wat er allemaal verkeerd is aan ‘mijn volk’, dus ik weet waarover ik praat. Het is zoals het is. Je blijft altijd een tweederangsburger. Als je iets doet wat niet mag, zul je harder worden gestraft.”


Zwangerschapsverlof

“Vandaag is dat begonnen. Het wordt een jongetje. Toen ik in de gevangenis zat, dacht ik: stel dat ik vijftien jaar vast kom te zitten, dan krijg ik nooit meer kinderen. Daar zou ik altijd spijt van hebben gehad. Het leven lijkt mij heel saai als je geen gezin hebt. Kinderen zijn een verrijking van het leven. Ik geloof ook in de natuur, dat we zijn gebouwd op het krijgen van kinderen. Maar eerlijk gezegd: meer dan twee zou ik er ook weer niet willen.”


Radu

“We zijn ruim zes jaar samen en zijn vorig jaar getrouwd. Een Greenpeacekoppel. Hij komt uit Roemenië. We praten Engels met elkaar en dat gaat heel goed. We delen onze waarden, dan maakt het niet zoveel uit waar iemand vandaan komt. Hij heeft het niet makkelijk gehad tijdens de val van het communisme. Net als ik komt hij uit een gezin dat het niet breed had. We hebben allebei hard moeten werken om te komen waar we nu zijn. Ondanks het feit dat we allebei nogal dominant zijn, gaan onze persoonlijkheden heel goed samen. Dat maakt hem de mooiste man op aarde voor mij. En verder dan dat wil ik het niet rationaliseren, want liefde is ook een gevoel.”


GroenLinks

“Ik ben slapend lid. Er is me weleens gevraagd om me kandidaat te stellen voor het Europees Parlement, maar na Rusland zijn mijn politieke ambities nogal getemperd. Voor mij is in elk geval de belangrijkste vraag: kan ik invloed ­uitoefenen? Ik ben heel erg gefocust op macht. Dat klinkt misschien heel fout, maar alleen daar waar je macht hebt, kun je het verschil maken. Dat kan ook buiten de politiek. Ik zit nu op een plek waar ik soms de macht heb om iets te doen voor een betere wereld. Ik sluit niet uit dat ik in de toekomst alsnog de politiek in ga, ik sta er open voor, maar dan moet het wel kloppen. Ik ben niet zo hijgerig dat ik koste wat kost op zo’n zetel wil zitten.”


Petra Sleven

“Zij is diplomaat. Nee? De directeur van Vier Voeters? Ik heb er weleens van gehoord en ik weet dat ze zich inzetten voor dieren, maar ik heb er verder geen zicht op. Goed dat dat soort clubs er zijn, maar zelf kijk ik breder. Het gaat mij meer om ecosystemen dan om dierenleed. Daar zit ook wel een beetje spanning tussen ­dierenorganisaties en milieuorganisaties.”